fbpx

Wijzigingen vanaf 1 januari 2020

Naar aanleiding van de aankomende wijzigingen van 1 januari 2020 (voor het aanslagjaar 2021), sturen wij u graag al een kort maar krachtig overzicht met betrekking tot de belangrijkste wijzigingen. Het betreft wijzigingen die plaatsvinden vanaf aanslagjaar 2021, dus verbonden aan een boekjaar die aanvangt vanaf 1 januari 2020 of later:

1. Tariefverlaging vennootschapsbelasting

Het tarief daalt naar 25% en het verlaagd tarief voor KMO’s bedraagt 20% op de eerste schijf van € 100.000,00, mits voldaan aan bepaalde voorwaarden.

2. Mobilisatie “oude” vrijgestelde reserves voor aanslagjaar 2021 en 2022

Zo kan men opteren om bepaalde vrijgestelde reserves verbonden aan een belastbaar tijdperk dat afsluit voor 1 januari 2017, vrijwillig te laten belasten.

De reserves die men vrijwillig kan laten belasten, zijn echter beperkt tot de definitief vrijgestelde investeringsreserves en de vrijgestelde reserves afkomstig uit kosten die voor 120% aftrekbaar zijn.

Het normale tarief bedraagt hier 15%, maar indien u tijdens het boekjaar van de omzetting investeert in materiële vaste activa (andere dan personenwagens, dubbel gebruik en lichte vracht) die vervolgens afschrijfbaar zijn en niet in aanmerking komen als herbelegging voor gespreide belasting van meerwaarden, dan kan u deze vrijgestelde investeringsreserves laten belasten aan slechts 10%.

Onderstaande reserves zijn uitdrukkelijk uitgesloten van bovenstaande regeling nl. reserves die:

-niet verbonden zijn aan verwezenlijkte meerwaarden (bv. Taks shelter en vrijgestelde voorziening) ;
-verbonden zijn aan gespreid te belasten meerwaarden ;
-verbonden zijn aan vrijgestelde meerwaarden op bedrijfsvoertuigen, binnenschepen op commerciële vaart en zeeschepen.

3. Wijziging inzake de aftrekbaarheid van de autokosten

De formule om de fiscale aftrekbaarheid van de autokosten te bepalen, werd aangepast:
120% – (0,5% x een coëfficiënt x aantal gram CO2 per kilometer).

De coëfficiënt bedraagt 1,00 voor voertuigen die rijden op diesel. Echter, voor benzinevoertuigen bedraagt dit 0,95. Voor voertuigen die rijden op aardgas, bedraagt dit 0,90. De autokosten zijn minimum voor 50% aftrekbaar en maximum ten belope van 100%. Kortom, de 120%-regeling voor elektrische wagens verdwijnt dus.

Voor de meest vervuilende wagens met een CO2-uitstoot van >200gram/km, is het aftrekbaar gedeelte echter uitzonderlijk beperkt tot 40%.

Samengevat betreft het de fiscale aftrekbaarheid van de autokosten in het algemeen die sterk zal dalen vanaf 01/01/2020. Voorlopig zijn er geen wijzigingen te melden inzake de berekening van de voordelen alle aard en het toepasbaar percentage van de btw aftrek.

Opgepast voor de regeling van de zgn. plug-in hybride:
Wanneer een hybride wagen meer dan 50g CO2/km uitstoot OF niet per 100kg minimaal 0,5kWh batterijcapaciteit heeft, moet men rekening houden met de CO2-uitstoot van een overeenstemmend voertuig met dezelfde motor en brandstof. Indien er geen overeenstemmend voertuig is, neemt men de uitstootwaarde en vermenigvuldigt men deze met de factor 2,5.

Bovenstaande voorwaarden moeten dus cumulatief voldaan worden alvorens er sprake kan zijn van een “echte” hybride.

Echter geldt de voorgenoemde regeling enkel voor wagens die zijn aangekocht NA 1 januari 2018 en geldt pas vanaf 1 januari 2020.
Let op: Als u een wagen van voor 1 januari 2018 doorverkoopt of tweedehands koopt, geldt de nieuwe regeling ook!

4. Afschrijvingen

Voor de afschrijvingen vanaf 1 januari 2020 wijzigen er drie zaken:

-Het degressief afschrijven verdwijnt
-Een KMO moet nu ook de eerste afschrijving pro rata doen (volgens het aantal dagen)
-In een KMO mogen de bijkomende kosten niet meer afgeschreven worden volgens eigen ritme. Deze moeten dus ofwel in één keer worden afgeschreven; ofwel samen met het betrokken actief.

5. Geldboetes

De administratieve geldboetes die zijn opgelegd door de overheid inzake btw, onroerende voorheffing, registratierechten, bedrijfsvoorheffing en verhoging van sociale bijdragen, zijn niet langer aftrekbaar.

6. Intresten van een creditstand van de rekening courant

De interesten van een creditstand van de rekening courant zijn beperkt aftrekbaar. De maximum rente ligt nu vast als zijnde de MFI-rentevoet van het voorgaande jaar in november + 2,5 punten.

Voor boekjaar 2020 zal men dus moeten kijken naar de MFI-rente van november 2019 verhoogd met 2,5%. Bijvoorbeeld: de MFI-rentevoet van november 2018 bedraagt 1,59, dan berekent men 1,59 + 2,5 = 4.09%, dit is dan de maximum rente die wordt toegestaan op de creditstand van uw rekening-courant.

7. Exit heffing

Het tarief voor de Exit heffing voor vennootschappen wordt 15%:

-De Exit heffing voor een zetelverplaatsing van vennootschappen en het overbrengen van een vaste inrichting naar het buitenland.
-Het overbrengen van activa van een Belgische onderneming naar haar buitenlandse vaste inrichting.

8. Bijkomend personeel

De vrijstelling voor bijkomend personeel is afgeschaft. Nu kan men geen vrijstelling meer bekomen voor een bijkomend personeelslid inzake een diensthoofd voor uitvoer of een diensthoofd voor de afdeling integrale kwaliteitszorg.

Volgende vrijstellingen zijn verder ook nog afgeschaft: de vrijstelling inzake de stagebonus, een bijkomend personeelslid met een laag loon en de vrijstelling inzake meerwaarde op gronden voor een vennootschap voor huisvesting.

9. Verliezen

Wanneer u verliezen lijdt in een vaste inrichting in het buitenland of met betrekking tot een in het buitenland gelegen onroerend goed, zijn deze verliezen niet meer aftrekbaar, tenzij het gaat om “definitieve beroepsverliezen”: zoals bij de stopzetting van een activiteit en de verkoop van een onroerend goed in het buitenland.

10. Balans- en liquiditeitstest

Wanneer u van plan bent om de winst van uw vennootschap (ook voor VVPRbis dividenden en liquidatiereserves) uit te keren aan uw aandeelhouders, bent u verplicht vanaf 1 januari 2020 om een balanstest uit te voeren. De balanstest zal moeten bepalen of het netto-actief niet onder nul zakt bij de uitkering. Dit is verplicht voor alle vennootschappen. Wanneer u echter een BV (voorheen BVBA) of een coöperatieve vennootschap bent, komt hier een tweede verplichting bij: de liquiditeitstest. Deze zal moeten nagaan of de vennootschap na de uitkering in staat zal blijven om haar schulden te betalen voor minimum de komende 12 maanden. Voor de NV tellen deze voorwaarden niet.

11. Bijkomende wijzigingen:

Verder willen wij u nog meegeven dat:

-De investeringsaftrek daalt naar 8% ;
-De forfaitaire minimumwinst bij geen of een laattijdige aangifte wordt verhoogd naar € 40.000 ;
-De afzonderlijke aanslag voor geheime commissielonen en verdoken meerwinsten niet langer aftrekbaar is en deze altijd aan 100% belast zal worden.

12. BTW

Ten slotte kunnen wij u voor het luik btw meedelen dat de bewijsstukken voor de intracommunautaire leveringen geüniformiseerd zijn. Zo moet men voldoende nodige bewijsstukken kunnen voorleggen (vrachtbrieven en verzekeringspolissen etc.). Bovendien moet de verkoper ook steeds nagaan of het door de koper opgegeven btw-identificatienummer geldig is en toebehoort aan de koper.

Wanneer men er echter niet in slaagt om voldoende bewijs te leveren, volgt er een naheffing van 21% btw, aangevuld met een boete en nalatigheidsinteresten.

Mocht u vragen hebben omtrent bovenstaande wijzigingen, kan u altijd contact opnemen met uw dossierbeheerder. Wij staan geheel ter uwer beschikking!